Minister Boekholt-O’Sullivan installeert dwangpomp alvast in elke woonkamer, ook zonder meerderheid
Terwijl de steun in de Tweede Kamer afbrokkelt, laat minister Elanor Boekholt-O’Sullivan de verplichte warmtepomp alvast fysiek in alle huizen plaatsen. Een nieuwe dienstregeling bepaalt wanneer de bewoner precies thuis moet zijn voor de inbedrijfstelling.
Minister Elanor Boekholt-O’Sullivan heeft opdracht gegeven om de verplichte warmtepomp per direct in elke Nederlandse woonkamer te installeren, nog voordat de Tweede Kamer zich over het wetsvoorstel heeft uitgesproken. «We gaan het wel doen», verklaarde de minister tijdens een persmoment in de hal van het ministerie, waar een eerste exemplaar op een pallet naast haar stond te draaien.
De linkse oppositiepartij Pro, normaal een groot voorstander van verduurzaming, weigert nog steun toe te zeggen. «Wij zijn voor groen, maar niet voor een apparaat dat al in de kamer staat voordat wij hebben gestemd», aldus een woordvoerder. De Kamer is kritisch omdat het kabinet niet durft te zeggen of de dwangpompen rendabel zijn. Volgens ingewijden wordt de pomp daarom aangesloten op een speciaal landelijk net dat alleen stroom levert als de bewoner een contract ondertekent dat hij niet zal klagen.
Om de operatie in goede banen te leiden, heeft het ministerie een nieuwe dienstregeling opgesteld. Bewoners krijgen een tijdslot van twintig minuten waarin zij thuis moeten zijn voor de inbedrijfstelling. Wie niet op tijd is, krijgt een tweede afspraak en een derde, tot de pomp draait. In Amsterdam zijn straten al omgedoopt tot Warmtepompkade en Pompstraat. Een speciaal opgeleid team van zeshonderd installateurs reist het hele land door met gereedschap en een dwangbevel.
De minister benadrukt dat de maatregel geen keuze is. «We hebben geen meerderheid nodig om te beginnen. De meerderheid volgt vanzelf als iedereen thuis een pomp heeft staan.»
2