Kabinet nodigt oppositie uit voor gesprek in Torentje, Kamer krijgt vijftien aparte rondetafels aangeboden
Na het topoverleg van donderdag besluit het kabinet niet één maar vijftien oppositiegesprekken te voeren, verspreid over vier dagen, in een volledig omgebouwd Binnenhof.
Het kabinet heeft besloten de oppositie niet langer in één gesprek te ontvangen, maar in vijftien afzonderlijke rondetafelgesprekken, verspreid over vier dagen. Dat is de uitkomst van het topoverleg, zo meldt een woordvoerder van het Torentje. Voor de gesprekken is de Ridderzaal omgebouwd tot een reeks van vijftien gescheiden overlegkamers, elk met een eigen tafel, een eigen koffiemachine en een eigen notulist van het ministerie van Financiën.
Voor het transport van de gespreksdelegaties heeft het ministerie een eigen vloot van twaalf busjes laten aanschaffen, die sindsdien dagelijks tussen Den Haag en de Kamer rijden. Chauffeurs worden getraind in een speciaal protocol waarin is vastgelegd in welke volgorde partijen mogen uitstappen. Een ambtenaar van de dienst Protocol noemde het stelsel «een noodzakelijke vorm van zorgvuldigheid».
Ook de gesprekken zelf zijn nauwkeurig ingericht. Elke partij krijgt een uur, waarin het kabinet alleen naar de eisen luistert en niet mag reageren. Pas daarna volgt een vergadering van de vicepremiers, die in een aparte zaal de eisen samenvatten op een whiteboard van twee bij vier meter. Premier Jetten laat weten dat hij de whiteboards zelf zal bewaren in een nieuw op te richten kabinetsarchief in de kelder van het Binnenhof.
Het kabinet wil bovendien dat de vier dagen van overleg in de agenda van elke bewindspersoon worden opgenomen, inclusief lunchpauzes van precies twintig minuten. Vrijdag volgt een eindevaluatie, waarbij de rechtse oppositie is uitgenodigd om de gesprekken per trein van Groningen naar Den Haag te bezoeken.
1